Paul Cliteur

Hij wordt wel de 'geestelijke vader' van Forum voor Democratie genoemd. Volgens Thierry Baudet "een van de scherpste denkers" die hij heeft ontmoet, zonder wie hij nooit de politiek in zou zijn gegaan. In zijn tienerjaren speelde Cliteur nog in rockbandjes, maar voor een echte rocker zat hij te veel met zijn neus in de boeken. Zijn bestemming lag in de wetenschap, waar hij vriend en vijand heeft gemaakt. Met een proefschrift van maar liefst 600 pagina's promoveerde Cliteur in de rechtsfilosofie. Inmiddels heeft hij meer dan twintig boektitels op zijn naam staan. Het is duidelijk: deze man levert geen half werk af.

Professor Cliteur heeft zich met zijn ‘Atheïstisch woordenboek’ opgeworpen als pleitbezorger voor het atheïsme en als vurig verdediger van de Verlichtingswaarden, zoals de vrijheid van meningsuiting, mensenrechten en de scheiding van kerk en staat. Hij noemt deze een ‘moreel Esperanto’ die de Westerse cultuur superieur maakt aan andere culturen. De Verlichting ligt echter onder vuur. Niet-westerse nieuwkomers enerzijds en een politiek-correcte elite anderzijds lijden volgens Cliteur aan occidentofobie: de afkeer van alles wat Westers is. We zijn de liefde voor de eigen cultuur kwijtgeraakt. Dat maakt ons zwak en kwetsbaar voor bedreigingen van buiten. We plegen zogezegd een "culturele zelfmoord".

Een van die bedreigingen is het fundamentalisme binnen de drie monotheïstische religies: christendom, jodendom en islam. Het geloof in de Bijbelse god is volgens Cliteur moeilijk verenigbaar met democratie, rechtsstaat en mensenrechten. Hij noemt dit het “monotheïstisch dilemma” die erin bestaat dat gelovigen de wet en seculiere moraal onderwerpen aan dubieuze religieuze teksten. In zijn laatste boek ‘In naam van God’, dat hij samen met Dirk Verhofstadt schreef, wordt de lezer een eindeloze lijst voorbeelden van religieuze terreur voorgeschoteld. In 2017 vond dagelijks een religieus geïnspireerde aanslag plaats. De boodschap is helder: monotheïsme kan gemakkelijk ontaarden in gewelddadig gedrag. Dagelijks wordt gemoord in de naam van God. Wie dat ontkent is gevaarlijk naïef. En enkel passages uitlichten die liefde en geweldloosheid prediken is geen oplossing.